Publiek-private samenwerkingsverbanden

“Publiek-private oplossingen zijn noodzakelijk in de nieuwe economie”, stelt Ellen Lastdrager-van der Woude, partner bij Twynstra Gudde en lid van de stichting Zero Emissie Busvervoer. “Door nieuwe samenwerkingsverbanden tussen markt en overheid met nieuwe financieringsvormen neemt de kansrijkheid van projecten toe. Eerst samenwerken en vervolgens contracteren.”

Nieuwe roldefiniëring

De overheid is sterk aan het bezuinigen en projectgelden zijn verminderd. Dit speelt zich af in de ruimtelijke sectoren, zoals gebiedsontwikkeling, water en infrastructuur, maar ook in de zorg. De publieke opgave van onder andere ruimtelijke ontwikkelingen komt meer en meer bij andere partijen te liggen en vraagt om een andere rol van de publieke sector. Hierdoor is een nieuwe roldefiniëring nodig. In toenemende mate worden publieke geldstromen met private geldstromen vermengd waardoor nieuwe vormen van samenwerking tussen publiek en privaat ontstaan.

Rol van overheid verandert

De rol van de overheid verandert hiermee van traditionele opdrachtgever naar een partner in een samenwerkingsverband. Dus op basis van gelijkwaardigheid, maar met behoed van regie door de publieke partner over het gewenste maatschappelijk effect van de opgave. Samen met private partijen zet de overheid de nieuwe opgave op. Voor deze nieuwe opgaven hebben gemeenten ook andere financieringsinstrumenten nodig. Door private geldstromen te mobiliseren en te sturen kunnen deze bijdragen aan het oplossen van economische en maatschappelijke opgaven bij geringe publieke investering.

Eindgebruikers betrekken

Naast het inventariseren van de mogelijke belangen van (betrokken) partijen kan de haalbaarheid van het project eveneens vergroot worden door eindgebruikers in een vroeg stadium te betrekken bij het project.

Denk hierbij bijvoorbeeld aan zero emissie bussen, rijden zonder uitstoot, opgezet door de Stichting Zero Emissie Busvervoer. De Stichting Zero Emissie Busvervoer bestaat uit publieke en private partijen die zich gezamenlijk inzetten voor schoon en betaalbaar openbaar busvervoer. Dit wil zij ten eerste bereiken via het bedrijfseconomische principe, een Total Cost of Ownership die bestaat uit de onderdelen voertuig, energie/emissie, concessie en maatschappelijke kosten en baten. Ten tweede door het organiseren van medewerking in de gehele keten door samenwerking tussen onder andere (decentrale) overheden, kennisinstellingen en toeleveranciers. Dit alles in het belang van een bereikbare, schone en innovatie omgeving voor inwoner, klant en werknemer (bron: Stichting Zero Emissie Busvervoer).

Meer weten?

In de opleiding Publiek-Private Allianties staan deze nieuwe samenwerkingsverbanden en financieringsvormen centraal.

 

Bekijk ook

Inwerkingtreding Omgevingswet vraagt extra tijd

De invoering van de Omgevingswet kost meer tijd dan verwacht. Dat schrijft minister Stientje van …